Mamacolumn, Persoonlijk

Ga nou niet zo hard, lieve peuter!

Hallo lieve peuter. Je bent nog maar net drie jaar geworden dus je mag heus nog wel even wat rustiger aan doen. Met je lange benen en je shirtjes die ineens weer te kort worden. Je moeilijke woorden die je tot voor kort nog verkeerd uitsprak en nu ineens heel wijs correct de wereld in slingert. Je continue stroom aan verhalen en je niet te stoppen behoefte om de wereld om je heen te begrijpen. Je ‘Waarom?’ tot ik zelf ook het antwoord niet meer weet. Sta maar eventjes stil, je moeder vindt het even iets te snel gaan.

Je hoeft alles echt nog niet zo snel goed te doen, hoor. Je bent pas drie jaar op deze wereld en je hebt nog alle tijd om groot te zijn. Ik wil er graag nog even van genieten dat je klein bent. Van je stuntelige motoriek en je schattige verbastering van woorden. Dus dribbel nog maar even in plaats van hard rennen. Blijf nog maar even ‘ik hou van jou ook’ zeggen als antwoord op mijn ‘ik hou van jou, liefie’. Als je ineens per ongeluk ‘latorventi’ zegt tegen de ventilator, verbeter ik het stiekem niet. Omdat ik je dan wel wil opvreten, zo lief vind ik het. En omdat ik weet dat je het vanzelf goed gaat zeggen. Sneller dan je moeder soms kan bijbenen. Of wíl bijbenen.

Tampestoepen

Net zoals je ineens van ‘jegjezen’ naar ‘wegwezen’ ging, en in plaats van ‘jand’ plotseling netjes ‘zand’ zei. Geen ‘boosjes’ meer, maar ‘framboosjes’. Dat mensen ineens verstaan dat je Finn heet en niet Sinn. En wanneer precies werd mijn favoriete woordje ‘tampestoepen’ ineens het saaie ‘tandenpoetsen’ en ‘tampestoep’ ineens ‘tandpasta’? Op een dag zei je het goed en hoewel ik dat hartstikke knap vind, moest ik ook even slikken. Van baby naar dreumes naar peuter: kon niemand me vertellen dat niet alleen de tijd vliegt, maar dat je kind óók meevliegt? Mijn gedachten gaan even fastforward. Nog maar een klein jaartje ben je bij ons thuis en dan ga je naar school. Die fladderende dansende peuter van me op een stoeltje. Hm. Ik schud mijn hoofd om die gedachte weer even naar een stil hoekje van mijn brein te jagen.

Al jouw fratsen, je ontwikkeling, je sprongen vooruit: ik wil ze beleven, ik wil erbij zijn en ik geniet ervan. Maar die sprongen betekenen ook dat ik stukje bij beetje afscheid moet nemen van mijn kleintje. Dat je steeds meer dingen zelfstandig kunt en dat ik toe leef naar de grote jongen die je zult worden. Daar moet je moeder eerlijk gezegd nog even niet aan denken. Dus grap ik af en toe dat je nog mijn kleine baby bent (‘ik ben geen kleine baby, ik ben een grote vent!’) en geniet ik van alle momenten dat je je nog laat dragen, kroelen en verzorgen. Voor je het weet kan ik je niet meer tillen, wil je alleen nog maar kroelen met je verkering en houd je de badkamer ‘s ochtends veel te lang bezet.

Ga maar vast

Voorlopig ben je nog druk met het ontdekken van je fantasie en met het bedenken van grappige spelletjes. Het nieuwste spelletje dat je hebt verzonnen is ‘mama, ik ga je inhalen!’ en dan ren je me voorbij. Gevolgd door een aanstekelijke schaterlach. Daarna moet ik jou inhalen, maar ga je voor mijn voeten lopen. Slimmerd. Ik ben ontzettend trots op hoe hard je gaat en tegelijkertijd wil ik dat je nog even blijft zoals je bent. Maar je lijkt daar zelf niet echt op te willen wachten. Dus ga maar vast, je moeder probeert je wel weer in te halen.

Vorige bericht Volgende bericht

Misschien vind je dit ook leuk om te lezen

Reacties op Facebook

Geen reacties

Plaats een reactie